DE CAVIA
Afkomst
Als eerste komt aan bod de Cavia; deze naam zegt ons, dank zij de
moderne publiciteitsmedia, tegenwoordig zoveel, dat een ieder weet dat het
overbekende 'marmotje' en deze Cavia een en hetzelfde dier zijn. De naam
Cavia komt meer en meer in zwang en verdringt zowel de naam Guinees
biggetje als de naam 'marmotje'. Dit is beter, omdat deze knager geen
echte marmot is, er uiterlijk misschien wel wat op lijkt, maar zelfs geen
naaste verwant is. Hij behoort in oorsprong tot een groepje knaagdieren
waarvan we de verwanten en henzelf uitsluitend aantreffen in Zuid-Amerika,
het stamland dus van ons huisdier. Maar ondanks dit feit, is er op het
ogenblik waarschijnlijk geen Cavia in Nederland te vinden die daar ooit
heeft rondgelopen, zomin als een van hun ouders of grootouders. Want reeds
eeuwenlang kennen vele Europese kinderen dit 'marmotje' als hun
troeteldier. In het begin van de zestiende eeuw, kort na de ontdekking van
Amerika door Columbus in 1492, werden voor zover men heeft kunnen nagaan,
de eerste Cavia’s door Hollandse zeelieden op het vasteland van Europa
ingevoerd. Ook toen al misten deze dieren de kenmerken van hun wilde
verwanten, die nu nog voorkomen in het bergland van Peru. Kennelijk waren
ze reeds lang door de mens opgenomen in hun huisdierenbestand, naast Lama
en Alpaca. De typische wildkleur, zoals die bijvoorbeeld bij ons de haas
heeft, kwam niet meer voor onder deze dieren, maar wel vele variaties van
wit, zwart en roodbruin. De Inca's moesten ze reeds eeuwen als huisdier
gefokt hebben, met als belangrijkste drijfveer over hun vlees te kunnen
beschikken, dat zo buitengewoon smakelijk is. Als aanvulling op het menu
dus, zoals wij onze konijnen vaak beschouwen. En ook nu nog worden alleen
om deze reden Cavia's als huisdier gehouden in de kleine nederzettingen op
het platteland van Peru. Vaak lopen ze daar vrij rond in de keuken en
leven van de overschotjes. Om ontsnappen te voorkomen is de uitgang
voorzien van een verhoogde drempel. De reden waarom deze dieren nooit de
rol van vleesproducent zijn gaan spelen in Europa moet hoogst
waarschijnlijk gezocht worden in een associatie met de door ons
minder gewaardeerde ratten tengevolge van hun uiterlijke gelijkenis.
Nog een enkel woord over hun wilde soortgenoten. Op droge plaatsen in
het bergland van Peru zoeken ze overdag onder droog en stekelig
struikgewas hun kostje op. In groepjes bijeen, contact met elkaar houdend
door het uitstoten van hoge fluittonen. Zo nodig beschutting zoekend in
holletjes en spleten in de rots als er gevaar dreigt door de nadering van
een roofvogel of als de nacht gaat vallen.
Huisvesting
Welke temperatuur
We kennen dus enkele aspecten van het Caviagedrag in de vrije natuur.
Op welke manier kunnen we daar nu zoveel mogelijk aan tegemoet komen bij
het inrichten van een verblijf voor deze dieren in ons overwegend vochtige
Nederlandse klimaat. Vocht waar ze zacht gezegd een broertje aan dood
hebben en waar we dus terdege rekening mee moeten houden.
Zijn we genoodzaakt tengevolge van onze wijze van wonen (bijvoorbeeld
een flat) de dieren zomer en winter binnen te houden, dan is er geen
vuiltje aan de lucht en speelt bovengenoemde moeilijkheid totaal geen rol.
Want dankzij de moderne verwarmings-methoden is het huiskamerklimaat het
gehele jaar door voor ons eerder te droog dan te vochtig en daardoor
ideaal voor de Cavia. Meestal stijgt het vochtgehalte van de lucht
namelijk niet boven de zestig procent.
Minder prettig is natuurlijk wel, dat het dier onder deze
omstandigheden altijd binnen zit. Met de voeding moet u daar beslist
rekening mee houden en vitamine AD - druppels toevoegen aan het dagelijks
menu. Is er daarnaast echter ook gelegenheid hem toch een enkel uurtje van
de zon te laten profiteren, op een balkon bijvoorbeeld, neemt u dan die
kans te baat zodra hij zich voordoet op zonnige dagen in voorjaar of
zomer. Zorg daarbij wel dat het dier, als het dat wil, zich uit de zon kan
terugtrekken op een beschaduwde plaats, als het hem onverhoopt te warm
wordt. Bovendien moet u bij dit verplaatsen er zorg voor dragen dat de
temperatuurwisselingen niet te groot zijn en niet te plotseling verlopen.
's Winters zou ik u aanraden de Cavia's altijd binnen te houden.
Alleenzittende exemplaren het liefst in de huiskamer, voor meer exemplaren
bijeen in één groep is een vorstvrije ruimte ook voldoende, mits de
dieren in hun verblijf de beschikking hebben over een flinke voorraad hooi
om zich in te verbergen als ze gaan slapen.
‘s Zomers mogen ze dag en nacht buiten, alweer op voorwaarde dat ze
constant beschikken over een droge plaats waar ze kunnen overnachten of
schuilen tijdens slecht weer. Ook op deze plaats moet weer voldoende hooi
aanwezig zijn voor de Cavia's om zich in terug te trekken. De plaats van
een buitenverblijf graag in de zon met een altijd aanwezige
uitwijkmogelijkheid naar een schaduwplek. Zorg ook voor een overdekte, dus
droge, plaats om te voeren.
Bron: Cavia’s en Goudhamsters. D. Dekker
Top |